Winterpostelein van onze teler Jochum de Boer (Kimswerd)

Een maaltje met postelein is een flinke boost voor je gezondheid. Het bevat meer ijzer dan spinazie en is superrijk aan andere mineralen en vitamines. Met een verfijnde, scherpe, licht zure smaak past postelein in tal van gerechten. Je herkent postelein aan de heldergroene, kleine, ruitvormige blaadjes op dikke vlezige steeltjes die soms wat roze zijn aan de onderkant.

Oorspronkelijk komt postelein uit het verre oosten. En van daaruit is het via Egypte en het oude Romeinse rijk in onze streken terecht gekomen. Er zijn twee soorten: zomerpostelein en winterpostelein. Een maaltje met postelein is een flinke boost voor je gezondheid: het bevat meer ijzer dan spinazie en is superrijk aan andere mineralen en vitamines.

Wat kan ik met postelein?

  • gekookte of gestoofd met een klontje boter of a la crème met een bechamelsausje
  • als salade met stukjes appel en noten en een mosterd-honingdressing
  • rauw door de stamppot met gebakken spekjes of zongedroogde tomaatjes
  • roerbakken met gember, knoflook en ui
  • als garnering op een broodje komijnekaas

Behandel postelein altijd voorzichtig. De blaadjes kneuzen snel en verliezen dan hun knapperigheid. Haal de bosjes postelein pas los als je de worteltjes eraf hebt gesneden. Was de postelein voorzichtig in ruim koud water en laat het goed uitlekken. Winterpostelein is vooral geschikt om (rauw) verwerkt te worden in stamppot en salades, zomerpostelein – om te koken, hij is wat forser van structuur, de blaadjes en stengels zijn vleziger.